ZIEL OP DE FIETS

Geert Grote reeks voor kritische spiritualiteit
De huidige stortvloed van spiritueel getinte literatuur vraagt om een kritische benadering en om de formulering van criteria die daarbij behulpzaam kunnen zijn. Deze reeks wil de Geert Grote Universiteit in de geest van haar naamgever open stellen voor geschriften, waarin het spirituele langs de lat der redelijkheid gelegd wordt.

Als eerste deel is op 28 juni 2008 verschenen:
uitverkocht / épuisé / vergriffen / out of print
ZIEL OP DE FIETS
Wijsgerig reisboek van een kritische dominicaan
door pater Gerard Oostvogel (O.P.)
, emeritus deken en pastoor te Bilthoven.
Bijeengebracht en geredigeerd door oud-Elsevier-journalist Ronald J.J. Meijer.

Genaaid, gebonden, met leeslint, 303 pagina’s, met 75 kleurenfoto’s van de hand van de auteur.

Gerard Oostvogel (1928)
was onder meer studentenpastor te Utrecht, pastor van de Onze Lieve Vrouwe-parochie te Bilthoven en voorzitter van de Acht Mei Beweging. Hij zegende het huwelijk tussen Prins Maurits en Prinses Marilène in.
Bij gelegenheid van zijn 50-jarig priesterschap verscheen een bescheiden ‘Liber amicorum’ waaraan werd bijgedragen door onder meer magister Edward Schillebeeckx o.p., de gnosticus prof. Gilles Quispel, de dichter Huub Oosterhuis en de oud-CvB-voorzitter van de Rijksuniversiteit Utrecht, drs Jan Veldhuis.

Gerard Oostvogel? Een man met fijnzinnige gedachten, een schrijvende predikbroeder, tevens scherpe waarnemer, die begaafd en humoristisch omgaat met taal en teken. Nooit eerder opende de auteur zijn persoonlijke ‘peinsboeken’, en evenmin waren zijn fotografische en picturale vondsten in bredere kring bekend. De lezer zal – verrast, soms zelfs met enig ongeloof – kennis nemen van een ruimhartige geloofsvisie, die afrekent met verstofte dogma’s en conventies…’

Pater Gerard Oostvogel (o.p.), als studentenpastor en oecumenicus pur sang in Utrecht (1969) al omstreden wegens ‘te intieme omgang’ met dominees, menigmaal gekritiseerd wegens zijn open pastorale houding (o.a. ten tijde van het huwelijk tussen prins Maurits en zijn Marilène), heet in officiële kerkelijke kringen ‘un oiseau rebel’ te zijn. Zijn gelovig gedachtengoed, gedoopt en uitgeschreven in Dominicaanse gloed, bleef vele decennia ‘terra incognita’, een privaat peinsboek.

Nu, bij het bereiken van zijn 80ste levensjaar, heeft hij (eindelijk) toegestemd in een royale publikatie van zijn hoogst persoonlijke waarnemingen en gelovige vermoedens. Niet alleen zijn beschouwingen naar kerkelijke letter en filosofische geest, ook zijn fijnzinnige fotografische kijk op mensen, dieren en dingen zullen de lezer sterken in kritisch vertrouwen, gezonde religieuze twijfel en daarmee, vóór alles – ‘joie de vivre’, een geestkrachtige, humorvolle bestaanszekerheid.

(uit het Ten Geleide)

BILTHOVEN – In een vrijwel volle Onze Lieve Vrouwe-kerk werd zondagmiddag 6 juli een fascinerend boekwerk van pater Gerard Oostvogel o.p. gepresenteerd, getiteld ‘Ziel op de fiets’.

Dit circa 300 pagina’s tellende boek bevat verborgen overpeinzingen en spirituele fotomomenten: ruim 225 ‘episoden’, twee indringende en vrijmoedig uitgeschreven overwegingen en tientallen oogstrelende full-colourfoto’s uit de periode 1987-2008.

Het is een prachtig lees-, kijk-, denk- en vooral kritisch geloofsboek. Prof. Herman Fiolet en ds. Anne van der Meiden schreven ieder een voorwoord. De laatste hield zondagmiddag een inleiding, doorspekt met uitdrukkingen in het Twentse dialect. Twente is namelijk de geboortestreek van Oostvogel. Hij besloot zijn toespraak met de woorden: “Fiets maar veel, anders zal je gat verroesten!”

Ds. René van den Beld gaf een indrukwekkende beeldpresentatie: ‘Gerard, de verre kijker…’. “In zijn boek kijkt Oostvogel ‘verder dan zijn stuur’, en laat hij zich raken door wat hij ziet.” Nadat hem het eerste exemplaar was overhandigd door dr. Jeroen Buve, uitgever van de Universitaire Pers Deventer, zei Oostvogel onder meer: “Dit boek getuigt van wat mij heeft geraakt. Het laat zien, dat ik leerling wil blijven van mijn eigen bestaan. Het gaat over ervaringen voorbij het begrijpen, en het getuigt van een intens zoeken.”   Biltsche Courant, 9 juli 2008

LAUNIANA MAIORA

De serie Launiana Maiora (ISSN: 2210-5573) bevat filosofische essays, uitgegeven onder auspiciën van het Rudolf von Laun Instituut voor Toegepaste Metafysica, onderzoekscentrum van de Geert Grote Universiteit.



Op 10 oktober 2015 is verschenen in deze reeks deel III:
OVER DE METAFYSISCHE BEHOEFTE IN DE MENS, door Prof. dr Guido Vanheeswijck.

Genaaid, gebrocheerd, 111 pagina’s.
ISBN 9789079378555
Prijs: € 14,95.
U kunt het bestellen via onze internetboekwinkel.

In 2015 is het 20 jaar geleden dat het Rudolf von Laun Instituut voor Toegepaste Metafysica met filosofische bibliotheek in de Friese hoofdstad werd geopend.
Hiermee werd de grondslag gelegd voor de Geert Grote Universiteit (GGU) die in 2006 te Deventer werd opgericht om de oude academische traditie van de stad te doen herleven. Eveneens in 2015 is het 15 jaar geleden dat het eerste boek van de Universitaire Pers rolde.

Dit derde deel van de serie Launiana Maiora bevat daarom naast een bijzondere uitgave van de Von Laun Lezing 2014: ‘OVER DE METAFYSISCHE BEHOEFTE IN DE MENS’ door Guido Vanheeswijck (Universiteit Antwerpen) tevens een korte terugblik op de beginfase van het instituut dat de ambitie heeft het Nederlandse academische landschap aan te vullen met een universiteit voor reflexieve serendipiteit!

De filosofie als metafysica is de moeder der wetenschappen en niet hun dienstmaagd (ancilla), die overal achter aan holt. Alleen door haar weer stapsgewijs in ere te herstellen krijgen met name alle geesteswetenschappen de kans zich te regenereren en zich te bevrijden uit de wurggreep waarmee het fysische denken en de daarmee verbonden rationaliteit hun denkoorspronkelijkheid en denkmogelijkheden al decennia in de greep houdt. De lezing van Vanheeswijck lijkt ons een belangrijke stap op dit traject.

Directeur Jeroen Buve geeft, zoals altijd, een korte reactie op de Von Laun Lezing. In 2015 is het tevens het jaar dat deze stichter en drijvende kracht achter de Geert Grote Universiteit de leeftijd van zowel Plato als Kant bereikte.

Klik op de afbeelding voor de inhoudsopgave en een aantal voorbeeldpagina’s.


Op 29 juni 2010 is verschenen in deze reeks deel II:
‘WIJSGERIG MISVERSTAND. HET PROBLEEM VAN HET IDEALISME’
Wetenschapsfilosofische opstellen van Plato tot Popper, door Broer Jansma

Gebonden met harde kaft, genaaid, voorzien van leeslint, 160 pagina’s. Persbericht(PDF)
ISBN: 978-90-79378-11-1
Prijs € 22,50.
Verkrijgbaar via onze internetboekwinkel.

Broer Jansma: een postume ontdekking?
“Boze tongen beweren soms dat filosofen niet echt geïnteresseerd zijn in oplossingen van de problemen waar zij zich mee bezig houden. Daar zit wellicht iets in. In de wijsbegeerte voltrekt zich namelijk sinds jaar en dag een deprimerend ritueel. Dezelfde vragen worden steeds opnieuw aan de orde gesteld, uitvoerig besproken en vervolgens onbeantwoord gelaten.”

Met deze woorden opent de Friese geleerde Broer Jansma een deel van wat als zijn wetenschappelijke erfenis kan worden beschouwd. Jansma is zo’n boze tong, gescherpt door een jarenlange omgang met de geschiedenis van het denken, een gedetailleerde belangstelling voor de (wereld)literatuur, een passie voor archiefonderzoek op Spaanse en Zuid-Amerikaanse bodem en een goed ontwikkeld vermogen om problemen in hun kern te vatten.

Klik op de afbeelding voor de inhoudsopgave en een aantal voorbeeldpagina’s.

Gepassioneerd door de filosofie maar bovenal een geleerde in hart en ziel, ondergedoken in archieven, op het spoor van wetenschapsfilosofische ontdekkingen en ononderbroken literair-historisch geïnteresseerd – dat was Broer Jansma bij leven. Een paar pareltjes uit zijn nalatenschap hebben de redacteuren van de Deventer Universitaire Pers bereikt.

Naast niet eerder gepubliceerd materiaal bevat Wijsgerig Misverstand als bijlagen enkele opstellen die bewerkingen zijn van eerdere publicaties in Hollands Maandblad: ‘Enige bezwaren tegen Poppers wetenschapsleer’ (1983), ‘De Utopia als voorbeeld’ (1987), alsmede ‘Nabokov over Cervantes’ (1989).

Kritische geesten zullen van deze sterk geformuleerde en zorgvuldig geanalyseerde kernproblemen in filosofie en wetenschap onder de indruk raken. Het is niet alleen de originaliteit van zijn benadering, die boeit. Het is vooral het indrukwekkende overzicht over de materie, dat zich aan ons opdringt en het verhelderende inzicht in haar geschiedenis, dat de lezer bij zal blijven. Daarom denken de uitgevers dat de woorden van Broer Jansma ook op zijn nalatenschap van toepassing zijn: “Sterfgevallen zijn triest, maar de bijkomstigheid van het erven verzacht ons leed.”

“Jansma schrijft een helder Nederlands, dat meestal gemakkelijk te volgen is. Het gaat hier om een interessante bundel, waarmee de schrijver postuum geëerd wordt. Dat is ook duidelijk de bedoeling van de uitgever geweest, die dit boekje bijzonder fraai verzorgd heeft (tweekleurendruk, leeslint, uitvoerig register). Een mooie aanwinst.”
– Prof. Dr. J.M.M. de Valk, em. hoogleraar Sociologie en Sociale Wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit Rotterdam in Civis Mundi. Tijdschrift voor Politieke Filosofie en Cultuur, 11 januari 2012.

Over de Auteur
De Friese filosoof Broer Kornelis Jansma (*Morra 1942, + Dokkum 2008) was wat de Duitsers noemen: een Privatgelehrter. Na zijn eindexamen Gymnasium-A op het Christelijk Lyceum Oostergo studeerde hij Engels en Filosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, de Universiteit van Oxford en de Rijksuniversiteit Groningen, waar hij in 1972 cum laude afstudeerde in de Geschiedenis der Wijsbegeerte.
Tussen 1970 en 1975 ondernam hij een reeks reizen naar Spanje, Mexico en Peru voor promotie-onderzoek naar bisschop Vasco de Quiroga, die in de jaren 1530 een eerste geslaagde poging deed een gemeenschap in Nieuw Spanje te modelleren naar de Utopia van Thomas More.
Van 1974 tot 1995 doceerde Jansma Filosofie aan de Noordelijke Leergangen te Zwolle en Leeuwarden, de latere Noordelijke Hogeschool Leeuwarden (NHL). Enkele van de in dit boek bijeengebrachte opstellen zijn een bewerking van artikelen, die in die jaren in Hollands Maandblad verschenen.


 
Deel I, 1996
METAFYSISCH MANIFEST. NIEUW ZICHT OP WETENSCHAP, GODSDIENST EN MORAAL door Dr Jeroen Buve

Gebrocheerd; 183 pagina’s
Prijs € 17,50 Verkrijgbaar in de internetwinkel

Het boek dat aan de grondslag van het Instituut ligt, bevat onder meer de Rede bij de opening van het Rudolf von Laun Instituut, uitgesproken door Jeroen Buve op 3 november 1995.

LAUNIANA MINORA

Sinds 2002 wordt in deze serie de jaarlijkse Von Laun Lezing gepubliceerd. De serie staat ook open voor andere kleine programmatische geschriften, als zij aspecten uitwerken van de drive van de Geert Grote Universiteit. Sedert 2002 zijn de volgende lezingen in druk verschenen:


 
uitverkocht / épuisé / vergriffen / out of print
Deel I: TEGEN DE WAARHEID IN DE POLITIEK, 2002, 38 pagina’s
door Prof. Dr Fank R. Ankersmit

In de lezing gaat Ankersmit in op de omstandigheden waaronder dé revolutie haar beloop had en het essentiële belang daarin van woord en symbool; dit koppelt hij terug naar ons eigen politieke klimaat en breekt daarbij een lans voor de ware politicus.
Met co-referaat van Dr J.D.J. Buve, directeur van het Von Laun Instituut.

De Franse Revolutie maakte een einde aan een duizend jaar oude monarchie, aan instituties en tradities, zo hecht en zeker dat zij haast een onderdeel leken te zijn geworden van de menselijke natuur, en aan een poitieke orde die gesanctioneerd leek te zijn door de God der Christenen zelf. Nooit daarvoor — en zelfs nimmer daarna — is de mensheid bereid geweest tot een zo totale en rücksichtsloze breuk met haar verleden en met alle politieke wijsheid die in de loop der eeuwen vergaard werd. Bedenken we ons dit, dan lijkt er geen twijfel over mogelijk, dat degenen die tot deze daad van ultieme destructie aanzetten, geen enkele twijfel gehad kunnen hebben over hun eigen gelijk. Want degene die bereid is tot een dergelijke niets ontziende verwoesting van wat in de loop der eeuwen tot stand kwam, moet er wel van overtuigd zijn, dat hij over een hogere en diepere wijsheid beschikt dan degene voor wie reparatie en hervorming het maximaal haalbare lijkt.
Uit: Tegen de waarheid in de politiek van F.R. Ankersmit


 
uitverkocht / épuisé / vergriffen / out of print
Deel II: NEERGANG VAN DE DEMOCRATIE?, 2003, 26 pagina’s
door Prof. Dr B.A.G.M. Tromp


 
Deel III: OVER HET TOETSEN VAN WETTEN AAN DE GRONDWET, 2004, 24 pagina’s
door Mr Sybrand van Haersma Buma
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.


 
Deel IV: POLITIEKE FILOSOFIE EN WESTERSE DEMOCRATIE, 2005, 42 pagina’s
door Prof. Dr S.W. Couwenberg
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.


 
Deel V: HEGEL EN DE VRIJHEID IN EUROPA, 2007, 74 pagina’s
door Prof. Dr Damiaan Meuwissen
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.



Deel VI: DE DUBBELE WAARHEID VAN DE GEERT GROTE UNIVERSITEIT, 2008, 32 pagina’s
door Dr Jeroen Buve
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.
 
 
 


 
Deel VII: KATHARINA VON BORA; EEN ONGEKENDE VOLGELINGE., 2009, 27 pagina’s
door Drs. Sieth Delhaas
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.

Het betreft de lezing, uitgesproken door mevrouw drs. Sieth Delhaas, bij de 625ste sterfdag van Geert Grote in de Bibliotheca Launiana van de Geert Grote Universiteit te Deventer, op 20 augustus 2009.
Mevrouw Delhaas studeerde Theologie en Cultuurwetenschappen. Ze is auteur van “Mevrouw Luther”, een boek over het leven van Katharina von Bora (1499-1552), de echtgenote van de Duitse Hervormer. Enkele dagen voor zijn sterven ried Luther zijn vrouw Katharina aan het Johannes-Evangelie te lezen als tegengif tegen de dagelijkse zorgen. Bijbel lezen was in het gezin van Martin en Katharina een dagelijkse gewoonte geworden. Dit hadden zij zeker niet geleerd toen zij beiden nog in afzonderlijke kloosters leefden. Zou de erfenis van de Moderne Devotie daarmee iets te maken hebben? Zeker zullen wij dat niet weten, maar de vraag is interessant genoeg om kennis te maken met een ongekende en te lang onbekend gebleven sympathisante van Geert Grote.



Deel VIII: DE VON LAUNLEZING 2011, 40 pagina’s
door Dr Rainer Biskup
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.

De Von Launlezing 2011, gehouden door Dr Rainer Biskup, onder de titel: Launs Kampf gegen den Positivismus im Recht: seine Lehre von der Autonomie des Rechts is in druk verschenen als Launiana Minora VIII.


 
Deel IX: DE WAARHEID, NIETS DAN DE WAARHEID, Von Laun lezing 2012, 48 pagina’s
Over de ethische en maatchappelijke functie van de universiteit, door Prof. dr Marc Vervenne
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.


 
Deel X: DE BLINDDOEK VAN VROUWE JUSTITIA, Von Laun lezing 2013
door Prof. Mr A.C.Q. Tak
Prijs € 5,00
verkrijgbaar in de webwinkel.

METAFYSICA OP HET SCHERP VAN DE SNEDE

ACTA LAUNIANA, 2000
deel I: ‘METAFYSICA OP HET SCHERP VAN DE SNEDE’

Dr Jeroen Buve & Dr Louk Fleischhacker (red.).
Genaaid en in linnen gebonden 460 pagina’s.
ISBN n/b

Bevat bijdragen van Dr J.J.A. Bartels, Prof. Dr H.H. Berger, Dr K.J. Brons, Drs J.A.E. Calis, Dr O.G. Heldring en Dr J.H. Lensink.

Prijs: € 49,75
U kunt nu bestellen via onze internetboekwinkel.
Bestel direct »

Op uitnodiging van het Rudolf von Laun Instituut voor Toegepaste Metafysica te Leeuwarden zijn zeven filosofen van vier verschillende Nederlandse universiteiten gedurende drie jaar als “Werkgroep Metafysica” met elkaar in debat geweest, en hebben ondermeer de theorie van de dubbele waarheid (verstandelijkheid versus redelijkheid) kritisch onder de loep genomen, de eigen ideeën daarbij naar voren schuivend. Metafysica op het scherp van de snede is hiervan de vrucht.


 
In zijn proefschrift Macht und Sein heeft Dr Jeroen Buve in 1989 een eerste bewijs geleverd voor het naast elkaar geldig zijn van rede en verstand (Vernunft und Verstand). Zijn analyse is tot op heden niet weerlegd. Vooral de directe relatie die hij legt tussen rede en democratie, geeft te denken. Buve doet een serieuze poging de begrippen ‘verstandelijkheid’ en ‘redelijkheid’ zó af te bakenen, dat de relevantie en onmiskenbaarheid van de redelijkheid in het wetenschappelijke (als standaard voor het maatschappelijke) discours, onontkoombaar wordt.

Wat in Macht und Sein op fundamentele, zij het moeilijk toegankelijke, wijze wetenschappelijk is aangetoond (de zgn. theorie van de dubbele waarheid) wordt nu voor de eerste keer bediscussieerd door een groep collega-filosofen, in dit eerste deel van de “Acta Launiana’.

In de westerse wereld weerklinkt steeds luider een roep om herstel van het evenwicht tussen verstandelijkheid en redelijkheid in wetenschap en maatschappij. Of het nu de door Isaiah Berlin geïnspireerde Britse Amerikaan Stephen Toulmin is, de Fransman Alain Finkielkraut of Robert Spaemann in Duitsland – allen hebben zij gemeen dat zij krachtige pleidooien houden voor de terugkeer van de redelijkheid in het wetenschappelijke debat als antwoord op de crisis van de post-moderne maatschappij.

Ofschoon wetenschappers van naam de noodzaak hiervan meer en meer inzien, is tot nog toe niemand in staat gebleken de objectieve wetenschappelijkheid van het denken dat de rede een plaats geeft naast het verstand te bewijzen. Het probleem is dat de inhoud van beide begrippen vaak niet onderkend wordt. Hoe kan het ook anders, als zelfs de Van Dale beweert dat ‘verstandelijk’ en ‘redelijk’ elkaars synoniem zijn?

ETNISCHE ZUIVERING IN MIDDEN-EUROPA

ACTA LAUNIANA, 2004
deel II: ‘ETNISCHE ZUIVERING IN MIDDEN-EUROPA’
Natievorming en staatsburgerschap in de XXe eeuw

door Pieter H. van der Plank
Paperback 623 pagina’s.
ISBN NB DIT BOEK IS HELAAS UITVERKOCHT

Prijs: nvt
niet meer verkrijgbaar.


Handelseditie van een proefschrift dat op 1 juli 2004 werd verdedigd aan de Letterenfaculteit van de Rijksuniversiteit Groningen. Verrijkt met een Voorwoord van de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties, Ruud Lubbers, en met een Nawoord van Jeroen Buve, Directeur van het Rudolf von Laun Instituut. Minister van Staat Max van der Stoel nam het eerste exemplaar van deze editie op 25 oktober 2004 in ontvangst.


Dit boek biedt als eerste en enige een totaaloverzicht van wat zich in de twintigste eeuw in Europa op het vlak van bevolkingsverdrijving heeft afgespeeld – en dat nog wel in helder en toegankelijk geschreven Nederlands…

Het is een monumentaal boekwerk voor wetenschappers en politici, maar ook voor een ieder die iets wil begrijpen van het nieuwe Europa. Het is voorzien van een uitgebreide inhoudsopgave, bibliografie, indices en 11 kaarten. Kortom, een standaardwerk voor vele decennia dat in geen bibliotheek ontbreken mag!

Dr P.H. van der Plank (1944) promoveerde in 1971 in de Sociale Wetenschappen. Met dit werk promoveerde hij in de Geschiedenis aan de Faculteit der Letteren van de Rijksuniversiteit Groningen in 2004 (foto).

De Verzwegen Geschiedenis van Midden-Europa
Honderd jaar geleden was Midden-Europa van Finland tot Turkije een lappendeken van volkeren die gezamenlijk leefden in enkele grote multi-nationale rijken. Twee decennia later waren deze rijken opgesplitst in ruim een tiental mono-nationale staten, die alle grote ‘nationale minderheden’ onder hun staatsburgers omvatten. Dat was een gevolg van het gegeven dat de nieuwe staatsgrenzen van 1919 niet gelijk waren getrokken met etnische en nationale grenzen.

In 1950 zijn deze minderheden zo goed als overal verdwenen, met uitzondering van in Joegoslavië. In 2000 is ook die laatste multi-nationale staat in ‘gezuiverde’ nationale eenheden verkaveld. Midden-Europa lijkt nu op West-Europa en beide kunnen op basis daarvan een Unie gaan vormen.

Om dit nieuwe overzichtelijke Europa mogelijk te maken, moesten uiteindelijk wel 40 miljoen mensen uit hun woonplaatsen verdwijnen; het geweld dat daarbij werd toegepast, kostte één op de vier van hen het leven. Deze dramatische groeistuipen van Europa kregen tot dusver weinig aandacht. De betrokken staten, verantwoordelijk voor deze schanddaden, willen er niet aan herinnerd worden. Zij zetten daarbij een traditie voort die al onmiddellijk na 1945 de mythe werd van de socialistische statenbroederschap van het Warschaupact. Het nieuwe Europa, waarin zij nu zijn opgenomen, heeft evenzeer belang bij een historisch zelfbeeld van pais en vree. In een gemakkelijk verteerbare gemeenschappelijke identiteit van alle Europeanen passen immers geen zwarte bladzijden en als zij onvermijdelijk zijn, zoals ten aanzien van de holocaust, worden zij exclusief aan één staat – Duitsland – toegeschreven onder het motto dat juist het gemeenschappelijke Europa ons kan behoeden voor zulke ontsporingen van de radicaal-nationale staat.

In werkelijkheid hebben echter alle Midden-Europese staten genocide bedreven of daaraan meegewerkt, ten opzichte van hun Joodse en van andere minderheden.

Deze tot dusver verzwegen geschiedenis van Midden-Europa werpt een schril licht op de ontstaanswijze van de natiestaten van Europa. Hoe paradoxaal ook – etnische homogenisering is de voorwaarde geweest voor de ontwikkeling van een democratische orde. Een orde die weliswaar pluriformiteit principieel beschermt, maar pas nadat zij zich eerst heeft kunnen vestigen op basis van staatsburgerlijke solidariteit. Daarbij is het de vraag of die solidariteit überhaupt wel kan bestaan buiten de homogeniteit van een nationale gemeenschap.

De krantenkoppen tonen ons elke dag de actualiteit van deze vraag buiten Europa – of het nu in Congo, Soedan of Irak is. Tien jaar geleden vond de laatste acte van het drama van de nationale homogenisering in Europa plaats: in Joegoslavië. De West-Europeanen waren verbijsterd en beseften niet dat de geschiedenis zich hier ‘alleen maar’ herhaalde en afsloot. Wat in Joegoslavië gebeurde, had namelijk op veel grotere schaal tussen 1912 en 1949 al plaatsgevonden in Griekenland, de Baltische landen, in Polen, Tsjecholsowakije, Hongarije en Roemenië … Alleen was het toen in West-Europa amper opgemerkt en niet onder één noemer gebracht. Het kon dus evenmin wetenschappelijk verklaard worden.

De les uit de Europese geschiedenis is daarmee nog steeds niet geformuleerd. En dat moet onvermijdelijk gevolgen krijgen voor het streven van de Europese Unie naar gezamenlijke identiteit en politieke eenheid. De Europese democratie overstijgt namelijk niet de nationale democratie van de aangesloten staten. Oorzaak en gevolg kunnen niet omgedraaid worden. De ontwikkeling van een gemeenschappelijke identiteit en democratische gezindheid dienen ook in Europa vooraf te gaan. Dat kan alleen succes hebben als onder ogen gezien en verwerkt wordt dat de Europeanen, zeker de nationaliteiten uit de landen in Midden-Europa die in 2004 tot de Unie zijn toegetreden of nog op de nominatie staan lid te worden, elkaar enkele generaties geleden geen plek op aarde gunden, althans niet op het stukje aarde waar zij tezamen woonden. Joegoslavië laat zien dat wat in het verleden niet is verwerkt, zich opnieuw moet aandienen.

De nauwgezette documentatie van wat daar is gebeurd, vindt men in dit boek. Het laat ook zien dat daders en slachtoffers veelal niet zijn te onderscheiden, omdat zij afwisselend tot de ene dan wel de andere rol gedwongen werden. Pas wanneer overlevenden en nabestaanden dát tegenover elkaar erkennen, en zich in elkaar herkennen, ligt de weg open voor een gezamenlijke historisch gefundeerde en gelouterde Europese identiteit.

Dit boek biedt als eerste en enige een totaaloverzicht van wat zich in de twintigste eeuw in Europa op het vlak van bevolkingsverdrijving heeft afgespeeld – en dat nog wel in helder en toegankelijk geschreven Nederlands…

Het is een monumentaal boekwerk voor wetenschappers en politici, maar ook voor een ieder die iets wil begrijpen van het nieuwe Europa. Het is voorzien van een uitgebreide inhoudsopgave, bibliografie, indices en 11 kaarten. Kortom, een standaardwerk voor vele decennia dat in geen bibliotheek ontbreken mag!


‘I salute this […] magnum opus […] as an important inventarisation as well as valuable analir causes, from which lessons can be learnt for the future, if only because the process of state disintegration and formation may still not be behind us.

What is more apparent in contemporary history, is that “ethnic cleansing” has become a conscious method to achieve political goals, namely political control over territory and resources.

This publication is clearly the result of considerable research and enables us to examine the dynamics between ethnicity and citizenship or nationality as well as the dangerous role of nationalism. It allows the reader to reflect on some of the causal linkages that came about with the emergence of nation States and although its primary focus is on Europe, it gives the wider picture too.’

Ruud Lubbers in zijn ‘Foreword’, mei 2004


 
‘Je kunt je afvragen in hoeverre etnische zuiveringen onvermijdelijk zijn om tot vrede en democratie te komen. Of ze niet de onmenselijke prijs zijn die betaald moet worden voor een geordende samenleving. De geschiedenis leert ons immers dat multinationale staten vroeg of laat desintegreren.’

Fleuriëtte van der Velde in ‘Een onmenselijke prijs voor vrede’, Historisch Nieuwsblad, september 2004


 
“Ik zou wensen dat dit boek – een eerste historisch totaaloverzicht van het werkterrein van de CVSE – op de nachtkastjes kwam te liggen van alle staatslieden die verantwoordelijk zijn voor de betrekkingen met minderheden. Opdat zij waakzaam blijven.’

Max van der Stoel in zijn toespraak op 25 oktober bij de in ontvangstneming van het eerste exemplaar.


‘Met de opdeling van Joegoslavië in homogene natiestaten is het proces van nation building en state building in Midden Europa zo goed als voltooid. Na twee eeuwen lijkt het verschil tussen west en oost te zijn overbrugd. Maar […] terwijl de West-Europese democratieën zich geleidelijk hebben ontwikkeld, zijn de Midden-Europese staten het product van gewelddadige selectie en gedwongen uniformiteit.’

‘[Van der Plank is] erin geslaagd duidelijkheid te scheppen in wat voor leken een onafzienbaar slagveld lijkt. En dat dan óók nog in prachtig proza.’

Carl Friedman ‘Onder Ons’ in Vrij Nederland, 11 november en 8 december 2004, ‘Encyclopedie van het onrecht’


‘[Hier] wordt de moord op zes miljoen joden geplaatst in het […] heel gewelddadig verlopen […] proces van natievorming [en dat betekent een] onderstreping van het feit dat de jodenvervolging in Midden en Oost-Europa (in vergelijking metbijvoorbeeld Nederland en België) van een totaal andere orde is geweest.’

Jaap Tanja in ‘De juiste accenten en klemtonen’, Nieuw Israëlitisch Weekblad, 21 januari 2005


Wie wil vasthouden aan de idee dat de Islam de bron van alle ellende is, moet vooral níet het meesterlijke boek van Pieter van der Plank lezen, dat de mensenjacht en massamoord in Midden-Europa tot onderwerp heeft. Uit naam van alle geloven die het oude continent geproduceerd heeft, zijn daar in de laatste eeuw tientallen miljoenen mensen vermoord, gezuiverd en verdreven. Occidentalisme is waarschijnlijk ons voorland; maar zeker is dat etnische zuivering Europa’s verleden is.’

‘Letter en Geest – Boeken’, ‘Hoe Midden-Europa zich etnisch schoonmaakte’ “Alles aan dit boek is groot: het is vuistdik, het is gevuld met duizenden getallen, allemaal verband houdende met huiveringwekkende misdaden [ …] het is in zijn weloverwogen compleetheid een meesterwerk.

Samuel de Lange in ‘De Oogst van een Jaar’, Dagblad Trouw 31 december 2004 en 29 januari 2005


 
‘[…] dit werk zal gaan behoren tot één van de tien boeken die mijn inzicht in de geschiedenis fundamenteel hebben veranderd en bepaald […].’

Radiocommentator Klaas Jansma op Omrop Fryslân 28-02-05, in vrije vertaling

HEGEL ACTUEEL

ACTA LAUNIANA, 2008
deel III: ‘HEGEL ACTUEEL’
Gebaseerd op lezingen van 12 Nederlandstalige Hegel-experts voor het Nederlands Filosofisch Genootschap.

Onder redactie van Jeroen Buve (Deventer) en Timo Slootweg (Leiden)’
Met bijdragen van:
Jeroen Bartels, Kees-Jan Brons, Jeroen Buve, Paul Cobben, Maarten Coolen, Louk Fleischhacker †, Heinz Kimmerle, Christian Krijnen, Jos Lensink, Damiaan Meuwissen, Timo Slootweg en Robbert Veen.

Genaaid, in linnen gebonden met stofomslag 404 pagina’s.
ISBN 978-90-79378-03-6

Prijs: € 62,50
Verkrijgbaar bij onze internetboekwinkel.
Bestel direct »


Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831) geldt als één van de grootste filosofen aller tijden. Zijn eruditie, de breedte van zijn belangstelling en de speculatieve kracht van zijn denken houden wereldwijd duizenden onderzoekers in zijn ban.

Twaalf Nederlandstalige Hegelkenners hebben voor het Nederlands Filosofisch Genootschap een boeiende serie lezingen gehouden die hier in uitgewerkte vorm als boek verschijnt. De auteurs zijn verbonden aan verschillende universiteiten en buigen zich over Hegels relevantie voor diverse domeinen van het moderne leven, zoals: het sociale belang van tradities en instituties; het multiculturalisme; het normen- en waardendebat; de verhouding tussen religie en politiek; het maatschappelijk belang van de civil society; de ethische en politieke betekenis van wederkerigheid en sociale cohesie.

Voor specialisten in de Hegelforschung is dit werk uiteraard een must; maar ook de filosofisch geïntereseerde lezer die zich in zijn moedertaal op de hoogte wil stellen van de huidige stand van zaken in het onderzoek naar de praktische toepasbaarheid van Hegels denken, vindt hierin altijd wel iets van zijn gading.


 

HEGELS AKTUALITÄT
Deutscher Kurztext zur Neuerscheinung Hegel Actueel.

Hrsg. v. Jeroen Buve (Deventer) & Timo Slootweg (Leiden).
Mit Beiträgen von Jeroen Bartels, Kees Jan Brons, Jeroen Buve, Paul Cobben, Maarten Coolen, Louk Fleischhacker †, Heinz Kimmerle, Christian Krijnen, Jos Lensink, Damiaan Meuwissen, Timo Slootweg und Robbert Veen.

Deventer Universitaire Pers, Sommer 2008. (Acta Launiana Bd. III) 404 S. mit Register. Leinengeb. ISBN 978-90-79378-03-6.

Preis € 54,75 (excl. Versandkosten ausserhalb der Niederlande)
Bestellungen über Internet via De Universitaire Pers

Man kann dafür Verständnis haben, dass das Englische sich als neue Universalsprache wie damals das Latein als Gelehrtensprache immer mehr durchsetzt. Wenn aber die Königliche Niederländische Akademie der Wissenschaften (KNAW) mit Ihren Auftrag die Pflege der Niederländischen Sprache zu fördern, sich nicht scheut, eine von zwölf anerkannten niederländischen Hegel-Kenner vorgelegten Schrift eine Subvention mit dem Argument zu verweigern, dass die Arbeit nicht in englischer Sprache verfasst sei, dann dürfte der Zeiger der Waage ausgeschlagen sein.

Die neu errichtete Geert Grote Universität zu Deventer fühlt sich in der Überzeugung gestärkt, dass man von ihr erwarten darf, dass sie sich als einizige niederländische Universität dafür einsetzt, das Niederländische zumal in den Humanwissenschaften – wo an den anderen Universitäten eine Arbeit über Platon nur noch auf Englisch angeboten werden darf – gerade als pflegebedürftig zu betrachten. Die Herausgeber haben sich daher sehr bewusst dafür eingesetzt, dass diese wichtigen Studien zur aktuellen Bedeutung der Hegelschen Philosophie und seiner Denkart in niederländischer Sprache veröffentlicht werden konnten.

Die Autoren vertreten unterschiedliche Spezialdisziplinen: neben Rechtsphilosophen, in aktuellen ethischen Fragen spezialisierten, und sozialwissenschaftlich orientierten Philosophen, kommt auch ein Theologe und ein Mathematiker zu Wort. Die politische Philosophie durchzieht viele Beiträge; Auch Hegels Rechtfertigung des Kolonialismus wird von einem Kenner des afrikanischen Denkens “dekonstruiert”. Es drängt sich zum Schluss eine Verdoppelung des Wahrheitsbegriffes auf, wenn Hegels Philosophie als dialektisches System im aktuellen wissenschaftlichen Diskur Terrain gewinnen soll.

Die wirklichkeitstiftende Kraft der dialektischen Vernunft wird wohlwollend aber unerbittlich kritisch geprüft, auch wenn alle Autoren eine gewisse intellektuelle Nähe zum klassischen metaphysischen Denken aufweisen, wodurch die in positivistischen Kreisen so oft begegneten ärgerlichen Simplifizierungen in der Kritik des Deutschen Idealismus sorgfältig vermieden werden. Die Vertreter verschiedenster Disziplinen finden in diesem Buch Ansätze zu fundamentellen Fragen über Breite und Tiefe ihres Sachgebietes. Die internationale Hegel-Diskussion wird hier auf nationaler Ebene an unterschiedlichen Probleme strukturell weiter getrieben. Das Buch will einen Markstein sein im Walde der zahlreichen Aktualisierungsversuchen Hegelschen Denkens.

Postanschrift: DUP, Sandrasteeg 8, NL-7411 KS Deventer, Niederlande – Tel. (0031) 570 600 134.

DE TEMPEL VAN DELPHI


ACTA LAUNIANA, 2008
deel V: ‘DE TEMPEL VAN DELPHI’
Een Boottocht naar de Filosofische Einder of Hoe het Westerse Denken Wegzinkt’
door Willem Gooijer.

Genaaid, gebonden met stofomslag 488 pagina’s.
ISBN n/b

Prijs: € 59,95
Verkrijgbaar bij onze internetboekwinkel.


 
In De Tempel van Delphi voert Gooijer de lezer op soms adembenemende wijze mee langs alle hoogte- en dieptepunten van het Westerse denken. Daarbij valt op dat er bepaald geen stijgende lijn zit in het denken van het Athene van toen tot het Parijs van nu. Eerder lijkt het postmoderne denken op een poging tot herschikking van de stoelen op het dek van de Titanic.

‘ Het is een boek, waar de hartstocht spreekt in een discipline die dat verbiedt. De kracht van dit boek is zo groot, dat niets het kan tegenhouden. Ook wij kunnen en willen dat niet (…)’

(Jeroen Buve, Directeur GGU-Rudolf von Laun Instituut)

Het gezond verstand van een knappe stilist losgelaten op de geschiedenis van de Westerse filosofie. Parijse postmodernisten, Duitse deconstructivisten en Londense
logisch positivisten krijgen weerwoord van een
nuchtere Amsterdammer, die hen confronteert met de vitale metafysica van hun Atheense voorgangers. Willem Gooijer is als het jongetje dat tot schrik van heel de hofhouding roept dat de keizer niet gekleed is.

Willem Gooijer
(Weesp, 1949) studeerde Politieke Wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en was daarna werkzaam zowel in de publieke sector (Gemeente Amsterdam, diverse ministeries en de Europese Unie) als in de private (ICT-bedrijfsleven, adviesbureau). Na de verkoop van het laatste bedrijf in 1999 schreef hij zich in voor avondcolleges Filosofie aan zijn oude Alma Mater, waar hij de diepere keerzijde van de Politieke Wetenschappen ontdekte en onder de stimulerende leiding van Kees Jan Brons een eigen visie op de Geschiedenis van de Westerse Wijsbegeerte begon te ontwikkelen, die door zijn grote belezenheid kon uitgroeien tot een literair topstuk.


 

Enkele korte fragmenten uit ‘De Tempel van Delphi’:

‘De filosofie is gemakzuchtig geworden. Waar denkers als Hegel en Heidegger filosoferen nog beschreven in termen als “het aangaan van het gevecht met de wereld” om deze als het ware betekenis en inzicht te ontwringen, lijkt zij heden ten dage haar vechtlust kwijt geraakt.
Filosoferen is meer dan het elegant presenteren van slimme opinies. Het is meer dan het kijken naar de omringende werkelijkheid om vervolgens
één en één op te tellen en vast te stellen dat de verrassende uitkomst twee is.’ (…)

‘Wat resteert, is een filosofie die gefundeerd is in een rationalisatie van de hopeloosheid en die feitelijk niet-filosofisch is; eerder een vagelijk socratische
houding of een streven naar zelfontplooiing en debatvoering.
In haar streven naar oneindige ontleding en het binnenstebuiten keren van iedere zingeving of fundering heeft de filosofie zelfs haar vermogen om
te formuleren, wat voor velen in de dagelijkse werkelijkheid vanzelfsprekend is, verloren.’ (p. 457)

‘Een somber beeld, waaruit de filosofie oprijst als een “machteloze intellectualiteit” of een “verzameling doodlopende denkwegen”, dat zonder twijfel niet geheel recht doet aan diegenen die zich op een aantal resterende filosofische eilanden in een zee vol gekwaak hebben teruggetrokken.’ (p. 456)

‘Hoewel ooit, al vele eeuwen geleden, Heraclitus Pythagoras, de “uitvinder” van de filosofie, bestempelde als “de aanvoerder van de praatjesmakers”, moet
desondanks worden vastgesteld dat hiermee, historisch gezien, de filosofie in belangrijke mate gedesavoueerd is. Waren filosofen ooit mannen (dat wel), die belangrijke bestuurlijke en adviseursfuncties bekleedden, of wier woorden van dermate belang waren, dat ze als direct bedreigend ervaren werden (met
soms verbanning of terechtstelling als afschrikwekkend gevolg), of die nog eeuwen nagalmden – thans is er, als men heel goed luistert, sprake van een zwak gelispel in oorverdovende heisa.’ (p. 455-456)

GEERT GROTE PEN 2011

De Stichting Geert Grote Pen (voorheen Geert Grote Alliantie) reikt vanaf het studiejaar 2010-2011 de Geert Grote Pen uit, een prijs voor de beste masterscriptie filosofie geschreven in het Nederlands.

Gelijmd, gebrocheerd, 288 bladzijden.
Prijs: €15.
Bestel direct via onze internetboekwinkel.

Koop de bundels van 2012 en 2011 samen voor slechts €25.
Verkrijgbaar via onze internetboekwinkel.

 

Naast een papieren uitgave is ook een digitale e-bookversie (PDF) te koop voor €7,50.
U kunt nu bestellen via onze internetboekwinkel.
Bestel het e-book

NATUURRECHT, CULTUURRECHT, CONSERVATISME

ACTA LAUNIANA, 2005
deel IV: ‘NATUURRECHT, CULTUURRECHT, CONSERVATISME’
Grondslag van de democratische rechtsstaat

door dr Paul Cliteur.

Genaaid, gebonden met stofomslag en leeslint 623 pagina’s.
ISBN n/b

Prijs: € 64,50
Verkrijgbaar in onze internetboekwinkel.


 
Volledig geredigeerd en overzichtelijk gepresenteerd.
Bevat exclusief interview met de auteur over zijn denkontwikkeling.
Vergezeld van levensloop en de complete bibliografie van Paul Cliteur.
Zeer gebruiksvriendelijk door nieuwe naams- en begripsindices en verkort notenapparaat.
Kortom, een zeer compleet handboek over het Conservatisme.

Dit boek behelst een helder en overtuigend geschreven argumentatie ten faveure van een actuele waardering van het normatieve aspect van de klassieke natuurrechtsleer. Dit normatieve denken staat haaks op de post-modernistische mainstream-filosofie van de onbeperkte relativering, en is daarom een nieuwe aanzet. Cliteurs redeneertrant is er op berekend ook diegenen te overtuigen die weinig of niets moeten hebben van de normatieve elementen van het natuurrecht. De manier waarop hij dit wezenlijk normatieve aspect van het natuurrecht over het voetlicht brengt, komt heel modern en eigentijds over.

In dit zestien jaar geleden geschreven werk houdt Cliteur zijn seculiere optie nog open, terwijl hij die nu als min of meer vanzelfsprekend poneert. Hij is in dit boek bijvoorbeeld in een waarderend gesprek met belangrijke christelijk geïnspireerde rechtsfilosofen en denkers, met name van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Naast de inhoudelijke betekenis van dit werk op zichzelf, ligt het belang van deze uitgave in de prominente plaats die het inneemt binnen de denkontwikkeling van Paul Cliteur.


 
‘Conservatief’ was zestien jaar geleden nog een besmet woord. Dat dit nu anders ligt, zegt iets over de vooruitziende blik van Paul Cliteur. Hij bepleit een herwaardering van het conservatisme, niet zozeer in revolutionaire of reactionaire zin, als wel in evolutionaire zin: met trial and error voortbouwen op een stevig en beproefd fundament. De waanidee van gelijkheid van alle culturen die al decennia in zwang was, werpt hij daarbij ver van zich. Hij bepleit de invoering van de term ‘cultuurrecht’ in plaats van ‘natuurrecht’ om aan te geven waarin onze normen hun oorsprong vinden.

Een keur aan denkers passeert de revue, zodat dit helder geschreven meesterwerk ons meevoert vanaf de oorsprong van het conservatieve denken bij Plato tot aan de twintigste-eeuwse erfgenamen van Burke.

Prof. Dr P.B. Cliteur is sinds 2004 als Hoogleraar Encyclopedie van de Rechtswetenschap verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (Departement Metajuridica) van de Universiteit Leiden.

Hij is bij het grote publiek voornamelijk bekend van zijn artikelen in dag- en weekbladen en van zijn tv-columns in het programma Buitenhof.

Cliteur is ook bestuurlijk actief. Hij was onder meer voorzitter van het Humanistisch Verbond, lid van de redactieraad van het tijdschrift Rekenschap en bestuurslid van de Humanistische Omroep, lid van de Adviesraad Internationale Vraagstukken, plaatsvervangend lid van het Europees Waarnemingscentrum voor Racisme en Vreemdelingenhaat en lid van het Curatorium van het Wetenschappelijk Bureau van de VVD.

SOCIALICON
GGU op Facebook
GGU op Youtube